Fisterra

Klein meisje

Het vertrouwen in de wagen is weg. Van lekker ontspannen rijden is geen sprake. En stoer vind ik mezelf al helemaal niet meer. Ik voel me eerder een klein meisje met een veel te grote mond in een veel te grote wagen.

Verslagen

Gespannen zit ik achter het stuur. Mijn eerste rit gaat van Santiago naar La Coruña. Ik voel me verslagen. Er zitten flinke steile stijgers en dalers in de N550 naar La Coruña. Sommige tussen de zeven en twaalf procent. In de stad wordt het nog moeilijker omdat ik daar midden op dergelijke steile wegen ook nog voor stoplichten moet stoppen. Geen pretje, vooral ook omdat er stadsbussen voor me langs schieten, er veel mensen langs de weg lopen die ieder moment kunnen oversteken en auto’s naar believen op de rechterbaan parkeren.

Kwetsbaar

Ik realiseer me hoe groot en log de wagen is tussen al dat stadsgewoel. Eén foutje en er kunnen de meest vreselijke ongelukken gebeuren. Door het gewicht van al dat harde staal wordt de wereld om me heen ineens heel kwetsbaar. Het maakt me voor het eerst een beetje bang en onzeker. Na een gespannen rit bereik ik uiteindelijk mijn bestemming op het uiterste puntje van de stad, onder de Torra de Hercules.

Auto vriendelijk

Ik blijf langer dan gedacht in Coruña hangen. Even vergeet ik de problemen met de motor tot het weer tijd wordt om verder te gaan. De avond voor vertrek slaap ik slecht en het duurt ook een paar uur voor ik de wagen überhaupt durf te starten, wat uiteindelijk zonder problemen meteen goed gaat. De motor loopt als een zonnetje.

Mijn eerste doel is een groot winkelcentrum aan de rand van de stad. Daar wil ik nieuwe bergschoenen kopen en een muis voor bij mij laptop. Dergelijke gebieden zijn doorgaans heel auto vriendelijk maar niet voor bezoekers van mijn formaat. De rit begint dus meteen met de nodige spanning.

Samengeknepen billen

Ver kom ik die eerste dag niet en overnacht net 10 kilometer buiten de stad, in een klein vissersdorpje. Daar tank ik water en verschoon de poeti. De volgende dag moet ik er toch echt aan geloven. Het begint meteen goed. Vanuit stilstand moet ik direct minstens acht procent omhoog. Voor de Steyr geen enkel probleem maar ik zit met samengeknepen billen achter het stuur. Alsof ik de ruime 7t die de wagen minimaal weegt zelf naar boven moet duwen. Leuk vind het helemaal niet. Maar ik ben weer onder the road, op weg naar Fisterra zo’n honderd kilometer naar het zuiden.

Mijn eigen gang

Halverwege besluit ik te stoppen, siësta.  Ik ga naar achter om even wat te eten en zet een lekker muziekje op. Dan bedenk ik me dat ik hier water kan tanken en dat de boiler vol zit met 20 liter heet water. Ik trakteer mezelf op de lang gemiste luxe van een heerlijke warme douche! Terwijl er liters heet water over mijn lichaam stromen zing ik uit volle borst mee met Ramses Shaffy, ‘Laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan’.

Waar een wil is, is een weg

Het roer gaat om. Ik besluit dat ik er zelf wat van moet maken en me niet moet laten kisten door de wagen. De rest van de rit zet ik een lekker muziekje aan in de cabine en doe heel erg mijn best om het weer een beetje leuk te vinden. Waar een wil is, is een weg. Een wijsheid die ik van mijn tukkerse moeder heb meegekregen.

Costa da Morta

Bij Fisterra wacht me een nieuwe uitdaging. Het is een prachtige plek aan de Costa da Morta. De kust heet zo vanwege de gevaarlijke stromingen. De plek waar ik heen wil voert over een hoge, smalle onverharde weg. Ik parkeer de wagen en ga eerst te voet het terrein verkennen. Het kan makkelijk maar ik heb even geen zin in verrassingen. Niet veel later sta ik hoog boven de Atlantische oceaan. De zon schijnt nog even dwars door de wagen voor ze in de zee onder gaat. Een heerlijke plek om even echt bij te komen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *